9 Uur Challenge

Luisteren vóór het misgaat

Bijna drie weken geleden schreef ik dat ik bewust een stap terug deed. Ik voelde dat er iets speelde. Geen harde blessure, geen acute pijn, maar wel signalen die ik niet wilde negeren. Ik ken mezelf inmiddels goed genoeg om te weten hoe dit soort dingen misgaan als je denkt: het zal wel loslopen.

Dus ik deed wat ik normaal gesproken lastig vind: ik minderde.

Minder trainen, slimmer herstellen

Het aantal trainingen ging van vijf naar vier per week. Niet alleen minder vaak, maar ook minder zwaar. Geen intensiteit, geen gekke fratsen. Daarnaast begon ik — voor mijn doen revolutionair — structureel met rekken en strekken. Kuiten, schenen, soms met een foamroller erbij. 

Daarnaast heb ik mijn medicatie-inname onder de loep genomen. Dagelijks slik ik een poeder voor mijn darmen, bloedverdunners en wat vitamines. Toen ik daar eens echt induikte, bleek dat die combinatie niet altijd even handig is.

Sommige middelen beïnvloeden elkaar. Sindsdien neem ik mijn medicatie meer gespreid over de dag.
Wat daarbij ook mijn ogen opende: bloedverdunners kunnen ervoor zorgen dat je pijntjes en spierpijn anders ervaart. Heftiger. Dat verklaarde een hoop.

Daar kwam nog iets bij. Omdat ik een paar meter darm mis en een middel slik voor mijn darmen, kan het zijn dat ik minder magnesium opneem. En laat dat nu net essentieel zijn voor spierbalans en herstel. Dat ben ik dus ook gaan aanvullen. Los daarvan sowieso geen overbodige luxe, want zweten kan ik als de beste.

(Tekst gaat verder onder de afbeelding)

Rekken en strekken

De balans opgemaakt

De optelsom is helder: die lichte blessure van een paar weken geleden ligt inmiddels achter me. Terugschakelen was geen makkelijke beslissing, maar ik ben blij dat ik ‘m heb genomen. Samen met mijn hardloopcoach.

Deze week staan er bewust maar twee trainingen op het programma. Niet omdat ik lui ben, maar omdat aankomende zondag 18 januari de Montferland Halve Marathon op de agenda staat. Samen met mijn vrouw en een goede vriend. Even gas terug om straks vol te kunnen knallen.

Twijfel, tempo en vertrouwen

Of dat ook echt “volle bak” wordt, weet ik nog niet. Sterker nog: ik twijfel. Er ligt een oud PR uit 2006. Twintig jaar geleden liep ik daar 1:41:08. Wil ik daar aan tippen, dan moet ik 4:47 per kilometer lopen. Dat is 12,5 km per uur. Eerlijk? Dat voelt nog wat afschrikwekkend.

Mijn horloge zegt dat het kan. Mijn trainingsdata zeggen dat het kan. Maar ik train nauwelijks op snelheid. Vrijwel al mijn loopjes zijn rustig, lage hartslag, veel volume. Toch weet ik ook: vaak kun je meer dan je hoofd je wil laten geloven.

Ik ga de dagen voorafgaand aan de wedstrijd wat meer koolhydraten eten en beslis waarschijnlijk pas op de dag zelf. Mijn gevoel zegt: gewoon op tempo starten en zien waar het schip strandt. Houd ik het vol, mooi. Zo niet, ook goed.

Want eerlijk is eerlijk: het blijft absurd dat ik hier überhaupt sta. Dat ik deze afstanden loop. Dat ik nadenk over PR’s. Als ik bedenk waar ik vandaan kom, moet ik mezelf soms nog steeds knijpen.

(Tekst gaat verder onder de afbeelding)

halve-marathon-2006

Zondag langs de kant

Heb je op 18 januari niks te doen? Kom aanmoedigen. Roep mijn naam. Je herkent me meteen: gewoon zoeken naar de knapste man van het hele stel.

Wil je op een andere manier supporten? Dat kan ook. Doneer bijvoorbeeld €0,50 per kilometer die ik loop. Dat vind ik oprecht lief.

Wordt vervolgd.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *